Aanbiedingsbrief

 Wij bieden u hierbij een bijzondere begroting aan. Voor het eerst in jaren zijn in deze begroting geen ingrijpende bijstellingen, noodzakelijk om de begroting sluitend te maken, opgenomen. Door de in de septembercirculaire aangekondigde bijstellingen en de ontwikkeling van het accres van de algemene uitkering zijn er vanaf 2022 voor de komende jaren positieve mutaties van ca. EUR 500.000 – EUR 650.000 in de meerjarenbegroting opgenomen.
Ondanks dit goede nieuws blijft de financiële situatie van Landsmeer zorgwekkend. Dat heeft een aantal oorzaken.
De stand van de algemene reserve (ca. EUR 1 mio) is (te) laag. In de afgelopen jaren hebben negatieve jaarrekeningsaldi en uitnames uit de reserve om de begroting sluitend te krijgen de algemene reserve uitgehold. Een ondergrens is wel bereikt en hoewel er voor 2025 een verbetering richting een stand van ca. EUR 1,5 mio in 2025 is begroot, blijft het een kwetsbare positie.
De provincie beoordeelt de begrotingen van gemeenten o.a. op het structurele  begrotingssaldi voor de komende 4 jaar.  Deze begroting laat zien dat het structurele begrotingssaldo in 2022 en 2025 positief is, maar niet voor de jaren 2023 en 2024. Daarmee blijft de gemeente vooralsnog onder repressief toezicht van de provincie staan, maar hier is wel werk aan de winkel.
Uw raad heeft voor de begrotingsjaren 2021 - 2024 besloten om een kapitaallastenlimiet van EUR 300.000,- in te stellen. Om binnen deze limiet te blijven zijn er meerdere projecten naar achteren geschoven. Het hanteren van deze limiet is een noodzakelijke, maar geen toekomstbestendige oplossing. Het doorschuiven van projecten betekent immers dat bepaalde investeringen worden doorgeschoven. Om de risico’s van dit uitstel te beperken wordt voorgesteld om in 2025 te beginnen met het verhogen van de investeringen. Op deze wijze blijven de risico’s van het vier jaar lang hanteren van de limiet beperkt. Dit heeft tot gevolg dat de kapitaallasten vanaf 2026 hoger zullen kunnen uitvallen.
Tenslotte zijn de consequenties voor Landsmeer van de herverdeling van het gemeentefonds van 2023 nog onbekend. Een andere verdeling van het rijksgeld over de gemeenten – zo’n EUR 30 miljard per jaar – is nodig omdat duidelijk is dat in de huidige opzet sommige gemeenten te veel en andere gemeenten te weinig krijgen. Er wordt over deze herverdeling al jaren gesteggeld tussen BZK en de VNG en ondanks meerdere pogingen is er nog steeds geen overeenkomst. Het is dus nog niet duidelijk of Landsmeer een winnaar of verliezer zal zijn en wat de financiële consequenties zullen zijn. Dit kan grote gevolgen hebben voor de meerjarenbegroting.
Met deze onzekerheden in het achterhoofd stellen wij voor in de begroting 2022 een buffer op te nemen voor een bedrag van EUR 250.000 zijnde ca. 1% van de begroting van Landsmeer. De buffer maakt de begroting robuuster doordat het de gemeente in staat stelt eventuele negatieve bijstellingen van de algemene uitkering in de loop van 2022 op te vangen zonder dat tussentijds het beleid moet worden aangepast of dat de algemene reserve verder zal worden uitgehold. Deze buffer is niet bedoeld om “gewone” bijstellingen te dekken, die zullen conform het door uw raad vastgestelde begrotingsbeleid, gedekt moeten worden binnen het betrokken begrotingsprogramma.
Op 8 juli heeft uw raad de perspectiefnota 2022 alleen ter kennisgeving aangenomen. Reden hiervoor was onder meer dat de perspectiefnota op een aantal punten nog niet helder genoeg was. Daarnaast was nog een verdiepingsslag nodig om in beeld te brengen wat de werkelijke meerjarige kosten zijn voor de domeinen (sociaal – fysiek) en andere organisatieonderdelen (dienstverlening – ondersteuning – bedrijfsvoering).
Nadere analyse, verdieping en actualisatie heeft plaatsgevonden op een aantal thema’s. De analyse had vooral tot doel om de begroting robuuster te maken, waardoor we beter binnen de kaders kunnen blijven van de door uw raad vastgestelde begroting. De daaruit voortvloeiende bijstellingen maken de begroting niet alleen robuuster maar ook gedegener en realistischer.
Op het terrein van Personeel en Organisatie heeft een totaal-analyse plaatsgevonden. Dat betekent dat de formatiecijfers zijn gecheckt, de werkelijke loonkosten in beeld zijn gebracht en alle budgetten onder de loep zijn genomen. Tevens is de systematiek van dekking van de personeels-en organisatielasten bekeken. Hiermee is de basis voor wat betreft personeelslasten en organisatiekosten weer op orde.
Op het brede terrein van de lokale overheids-ICT is een aantal zaken in beeld gebracht op het gebied van informatiebeveiliging en privacy-wetgeving. De aandacht hiervoor komt voort uit bijvoorbeeld hacks die bij (lokale) overheidsorganisaties hebben plaatsgevonden. Daarnaast vergt de privacy-wetgeving ook voor de gemeenten de nodige bewustwording en aanpassingen in de bedrijfsvoering. Verder treedt een verandering op in onze ICT-samenwerking met Dimpact waardoor een tweetal grote software-pakketten op een andere leest moeten worden geschoeid. Het betreft hier het pakket voor de afdeling burgerzaken en ons zaaksysteem voor de hele organisatie; twee pakketten die noodzakelijk zijn voor de continuiteit van onze bedrijfsvoering.
Geconstateerd is dat er momenteel geen budget is voor onvoorziene uitgaven in de openbare ruimte die noodzakelijk zijn vanwege een calamiteit of veiligheidsrisico. Voorgesteld wordt om een structureel budget voor dergelijke kosten op te nemen om te voorkomen dat deze kosten als nadeel in de jaarrekening moeten worden gemeld.
Nutsbedrijven betalen een vergoeding als zij straatwerk van de gemeente moeten openbreken om werkzaamheden uit te voeren. Deze vergoeding is gebaseerd op de kosten die deze werkzaamheden voor ons met zich mee brengen. Door een omissie staan in de begroting op dit budget hogere inkomsten dan kosten opgenomen. Voorgesteld wordt om dit weer met elkaar in overeenstemming te brengen (inkomsten en kosten gelijk).
Er heeft een eerste inspectie plaatsgevonden van de onderhoudstoestand van onze gemeentelijke gebouwen. Wij voorzien dat er voor de komende jaren extra middelen benodigd zijn om het onderhoudsniveau op een adequaat niveau te houden.
Voor de OZB ligt er nu een meer robuuste en toekomstbestendige wijze van berekening. Onder andere heeft een actualisatie van de prijsindexcijfers en een nacalculatie plaatsgevonden. Door deze opbrengsten in een stelpost loon- en prijsstijgingen en in een stelpost oninbare vorderingen te storten is er in de begroting dekking voor loon- en prijsstijgingen en voorkomen we dat de opbrengsten OZB te laag berekend zijn.
Deze begroting 2022 is een relatief beleidsarme begroting, althans in de zin dat er geen opvallend nieuw beleid wordt voorgesteld. Dit past bij een begroting die straks de begroting van een nieuwe gemeenteraad wordt. In aanvulling daarop maken we u er wel op attent dat de nieuwe gemeenteraad de wettelijke mogelijkheid heeft tot het aanstellen van (een) extra wethouder(s). De kosten die dat met zich meebrengt zijn derhalve niet meegenomen in deze begroting.  Door de begroting robuuster te maken stellen we de nieuwe raad in staat eigen keuzes te maken gebaseerd op solide financiële uitgangspunten en hoewel ook nog kwetsbaar, op een hoopvol financieel perspectief.

Deze pagina is gebouwd op 11/11/2021 17:11:01 met de export van 11/11/2021 17:01:58